go_to_content

Pseudo-eindheffing: wat is de beste keus voor jouw wagenpark?

Volvo XC90
Met een wagenpark raakt de pseudo-eindheffing jouw bedrijf direct. Niet alleen financieel, maar ook organisatorisch. De regeling dwingt je om op korte termijn opnieuw te kijken naar je kosten, je leasecontracten en je mobiliteitsbeleid. Waarschijnlijk vraag je je af welke keuzes je hebt en welk scenario dan het best bij jouw bedrijf past. Geen stress! In deze blog helpen we je bij het maken van deze lastige keuze. Want jij beslist, maar natuurlijk wel op basis van de juiste cijfers.
Volvo V90

1. Doorrijden en de heffing betalen

Je kunt ervoor kiezen om niets te veranderen aan je wagenpark en de heffing te accepteren. Je huidige benzineauto’s blijven rijden en je betaalt jaarlijks de pseudo-eindheffing van 12% over de vastgestelde grondslag. De vraag is of dit voor jouw bedrijf de beste keuze is.

Nu een makkelijke keuze kan later duur uitpakken

Doorrijden met je huidige wagenpark en de heffing betalen, lijkt een makkelijke keuze. Je hoeft je wagenpark immers niet te veranderen. Het is goed je te realiseren dat het wel betekent dat je jaarlijkse kosten per auto direct hoger worden. Die extra lasten moeten ook correct worden opgegeven en afgedragen via de loonaangifte. Dit vraagt om extra werk en controle van je financiële afdeling. Bovendien stijgen je werkgeverslasten zolang deze auto’s blijven rijden. Wat in eerste instantie een makkelijke keuze lijkt, kan dus financieel én organisatorisch zwaarder uitpakken dan je vooraf dacht.
Peugeot 2008

2. Nog één keer benzineauto’s inzetten voor 1 januari 2027

Sommige ondernemers kiezen ervoor om nog in 2026 benzineauto’s in te zetten. Dit kan een slimme manier zijn om de pseudo-eindheffing uit te stellen of tijdelijk te vermijden. Of dit ook voor jouw bedrijf geldt, hangt af van de samenstelling van je wagenpark.

Betrek iemand met uitgebreide kennis van pseudo-eindheffing

Als je nog voor de deadline van 1 januari 2027, benzineauto’s wilt inzetten, is het belangrijk om goed te timen wanneer je auto’s bestelt en wanneer leasecontracten starten. Ook is het nodig om per auto te controleren of deze wel of niet onder de pseudo-eindheffing valt. Met een groot wagenpark is dat een hele klus. Het plannen van contractlooptijden vraagt strategisch inzicht. Een verkeerde inschatting kan het voordeel direct tenietdoen. Nog één keer benzineauto’s inzetten kán dus een financieel aantrekkelijke keuze zijn. Zorg er dan wel voor dat je iemand betrekt met veel kennis van de regels rondom pseudo-eindheffing, want een rekenfoutje is snel gemaakt.
Tesla Model Y

3. Helemaal overstappen op elektrische auto’s

Je kunt er ook voor kiezen om met je hele wagenpark versneld over te stappen naar elektrische auto’s. Daarmee vermijd je de pseudo-eindheffing en speel je direct in op toekomstige regelgeving. Laat je goed informeren of dit ook voor jouw wagenpark de beste keuze is.

Uitdagingen en extra kosten om rekening mee te houden

De maandelijkse investeringen of leaseprijzen van elektrische auto’s liggen vaak hoger dan bij benzineauto’s. Je hebt dus goed inzicht nodig in de totale kosten over de levensduur van de voertuigen (TCO). Laat je dit over aan LeaseLinq? Dan maak je het jezelf een stuk makkelijker. De risico’s van restwaarde en afschrijving liggen dan niet bij jouw bedrijf, maar bij de leasemaatschappij. Een kostenpost die wel direct voor rekening komt van jouw bedrijf is het op orde brengen van de laadinfrastructuur. En vergeet niet om je medewerkers actief mee te nemen in de overstap, zodat zij begrijpen wat dit betekent voor hun dagelijkse mobiliteit. Elektrisch rijden is dus niet automatisch goedkoper of eenvoudiger voor elk bedrijf. Voor sommige bedrijven is dit scenario toekomstbestendig en financieel aantrekkelijk, voor andere juist niet.

Jij beslist, maar wel op basis van de juiste cijfers

De keuze tussen scenario 1, 2 of 3 is geen makkelijke rekensom. Wat goed is voor jouw bedrijf, kan voor een ander juist nadelig zijn. De juiste keuze hangt af van jouw wagenpark, contracten, groeiplannen en financiële strategie.